Een BPA (Bijzonder Plan van Aanleg) noemt men vandaag een RUP (Ruimtelijke Uitvoeringsplan). Het zijn interessante documenten, eigenlijk juridische instrumenten, die de pijnpunten van een omgeving in een bepaalde periode proberen om te buigen in een wensdroom. Hamvraag was en is telkens, wie heeft een probleem? Waarom wilde men verandering? Wie had er baat bij en wie stuurde het transitieproces?
Een Bijzonder Plan van Aanleg of BPA (heden spreekt men van RUP’s of ruimtelijke uitvoeringsplannen) is een bestemmingsplan dat aan de hand van kaartmateriaal en stedenbouwkundige voorschriften aangeeft wat en hoe in een bepaald stadsdeel mag gebouwd en verbouwd worden. Je vindt er bepalingen in waar woningen, kantoren, groenvoorzieningen, enz. mogen komen. Dikwijls vind je in het BPA ook regels over de bouwdiepte, kroonlijsthoogte of dakhelling. Een BPA heeft betrekking op een deel van het gemeentelijk grondgebied, wat betekent dat er op het grondgebied van een gemeente meerdere BPA’s van toepassing kunnen zijn.
Sinds 1999 worden oudere plannen vervangen door Ruimtelijke Uitvoeringsplannen (RUP’s), maar bestaande BPA’s blijven geldig totdat ze door een RUP worden vervangen.
Achter elk oud BPA schuilt dus een verhaal, van ongenoegen én de overtuiging dat het beter kon.
BPA Groene Briel, links staat de bestaande toestand (1953) met de beluikhuisjes en rechts het ontwerp uit 1970 met hoogbouw appartementen, parkeerstroken (geel ingekleurd) en groene ruimten. Het Meerhemkanaal werd gedempt.